foto1

  • home
  • achtergrond informatie
  • alle risico's
  • links
  • contact

thema: Agressie en geweld

Ongewenst gedrag tussen collega's: beleid

Op deze pagina staat hoe beleid met betrekking tot ongewenst gedrag kan worden opgezet en uitgevoerd. De informatie is te gebruiken door management, OR, staffunctionarissen, leidinggevenden en werknemers.

Onder ongewenst gedrag wordt verstaan: (seksuele) intimidatie, agressie/geweld, pesten, discriminatie en stalking. Uitgangspunt hierbij is dat het gevoel van het slachtoffer bepalend is, en niet de intentie van de dader.

Instellingen vinden het van belang dat medewerkers met plezier naar het werk gaan. Een prettig werkklimaat en goede onderlinge omgangsvormen zijn hier onlosmakelijk mee verbonden. Om waarborgen te scheppen voor een goed werkklimaat, zijn instellingen verplicht beleid te voeren en maatregelen te treffen met betrekking tot ongewenst gedrag. In een goed beleid zijn er zowel preventieve maatregelen opgenomen als maatregelen voor het aanpakken van ongewenst gedrag. Organisaties kiezen er soms tevens voor een gedragscode op te stellen voor collegiale omgang. Hieronder staan aandachtspunten en aanbevelingen voor het opstellen van beleid met betrekking tot ongewenste omgangsvormen.

Preventief beleid

  • Spreek je als directie duidelijk uit over het belang van gewenste omgangsvormen en draag uit dat ongewenst gedrag niet getolereerd wordt in een gezonde organisatie.
  • Stel een beleid op met minimaal de volgende onderwerpen (zie ook het voorbeeld van beleid ter voorkoming en bestrijding van ongewenste omgangsvormen): begrippenomschrijving van wat verstaan wordt onder ongewenst gedrag, werkingssfeer van het beleid, preventie van ongewenste omgangsvormen, het informele en het formele traject (klachtenprocedure), een vertrouwenspersoon.
  • Bepaal of jullie instelling een gedragscode wil voor de omgang tussen medewerkers onderling.
  • Bied de leidinggevenden scholing aan in het signaleren van en reageren op ongewenst gedrag.

Beleid bij incidenten

  • Stel een vertrouwenspersoon aan op basis van een functieprofiel en bepaal de taken en randvoorwaarden zoals de geheimhouding. Of overweeg een externe vertrouwenspersoon aan te stellen, bijvoorbeeld via de arbodienst.
  • Zorg ervoor dat alle medewerkers de vertrouwenspersoon kunnen vinden en dat zij weten waar zij deze voor kunnen benaderen.
  • Laat de vertrouwenspersoon actief voorlichting geven aan de medewerkers over de eigen rol en het instellingsbeleid rond ongewenst gedrag.
  • Stel een klachtenregeling op, waarin de reikwijdte, de termijnen en de ontvankelijkheid van de klacht of de uitsluiting omschreven zijn.
  • Bepaal of er een interne klachtencommissie moet worden ingesteld, of dat deze (bij kleinere instellingen) van buiten, op ad-hocbasis, kan worden samengesteld.
  • Stel de interne klachtencommissie zo samen dat de leden een goede afspiegeling van de organisatie vormen. Draag zorg voor goede randvoorwaarden.

print pagina            

Zoek in de arbocatalogus ggz

 

 

zoek

Onderwerpen

  • Richtlijnen/gedragscode voor cliënten
  • Werkoverleg
  • Veilige werkomgeving
  • Tips voor veilig werken - balie
  • Tips voor veilig werken -hulpverlening
  • Training
  • Opvang en nazorg
  • Melding en registratie
  • Veiligheidsbeleid
  • Aangifte doen
  • Ongewenst gedrag tussen collega's: beleid
  • Ongewenst gedrag tussen collega's: wat kun je doen?

Risico's

  • Agressie en geweld
  • Fysieke belasting
  • Gevaarlijke stoffen
  • Inrichting arbeidsplaats
  • Werkdruk

In de Arbowet en in de cao is bepaald dat de werkgever een beleid met betrekking tot ongewenst gedrag moet voeren. Hoe dit beleid wordt ingericht, is aan de instelling zelf.

De arbocatalogus voor ggz-instellingen is bedoeld voor werkgevers en werknemers om zo gezond en veilig mogelijk te kunnen werken. De catalogus is een product van GGZ Nederland / ABVAKABO FNV / CNV Publieke Zaak / FBZ / NU’91.

Partners   GGZ Nederland / ABVAKABO FNV / CNV Publieke Zaak / FBZ / NU´ 91

disclaimer / colofon